Soorten borstkanker › Treant Zorggroep

Soorten borstkanker

Borstkanker kent verschillende vormen en wordt ook wel mammacarcinoom genoemd (mamma is Latijn voor ‘borst’ en carcinoma is het Latijnse woord voor ‘kwaadaardig gezwel’). Het identificeren van de juiste vorm van borstkanker is belangrijk, omdat de verschillende vormen ook verschillende behandelingen vereisen.

Het eerste onderscheid dat gemaakt wordt, heeft te maken met de plaats in de borst waar een mammacarcinoom ontstaat.

  • Ductaal houdt in dat de kanker ontstaat in de melkgang van de borst, dus in de gang van de melkklieren naar de tepel toe.
  • Lobulair houdt in dat de kanker ontstaat in de melkklieren van de borst, wat de plekken in de borst zijn die melk kunnen produceren.

Een tweede onderscheid dat gemaakt wordt, heeft te maken met het vermogen van het mammacarcinoom om zich te verspreiden naar andere plekken in het lichaam.

  • In situ houdt in dat de borstkanker alleen gesitueerd is (en kan zijn) op de plek waar het is ontstaan.
  • Invasief houdt in dat de borstkanker het vermogen heeft om zich te verspreiden naar andere delen van het lichaam.

Nu de definities van de voorgaande termen duidelijk zijn, kunnen de vier meest voorkomende soorten borstkanker worden uitgelegd. Deze soorten borstkanker zijn namelijk de combinaties van de termen.

  • Invasief ductaal carcinoom is borstkanker die in de melkgang van de borst ontstaat en wél het vermogen heeft om zich te verspreiden. 85% van de borstkankerpatiënten heeft met deze vorm van borstkanker te maken, waarmee het invasief ductaal carcinoom de meest voorkomende soort van borstkanker is.
  • Invasief lobulair carcinoom is borstkanker die in de melkklieren van de borst ontstaat en wél het vermogen heeft om zich te verspreiden naar andere delen van de borst of het lichaam. Deze soort borstkanker komt voor bij ongeveer 5% tot 15% van de borstkankerpatiënten.
  • Ductaal carcinoma in situ (DCIS) is een afwijking die in de melkgang van de borst ontstaat en níet het vermogen heeft om zich te verspreiden naar de rest van de borst en het lichaam. Deze vorm komt voor bij ongeveer 2,5% van de borstkankerpatiënten en is een voorstadium van borstkanker. Omdat het niet mogelijk is om te voorspellen of DCIS uit gaat groeien tot borstkanker wordt het echter wel behandeld als borstkanker. De kwaadaardige cellen beperken zich bij DCIS tot de melkgang van de borst en in de meeste gevallen wordt deze plek operatief verwijderd. DCIS kan soms verspreid door de hele borst voorkomen en dit bepaalt mede of een borstsparende operatie of een amputatie wordt uitgevoerd.
  • Lobulair carcinoma in situ (LCIS) is borstkanker die in de melkklieren van de borst ontstaat en níet het vermogen heeft om zich verder te verspreiden. Wel geldt bij LCIS dat er een verhoogd risico is op een tumor die zich wél kan verspreiden. In de meeste gevallen wordt ervoor gekozen om LCIS niet verder te behandelen, omdat het risico van uitgroeiing tot een invasieve vorm van borstkanker erg laag is. Het is wel belangrijk om LCIS in de gaten te houden en daarom wordt er vaak jaarlijks een mammografie gemaakt.

De ene soort borstkanker sluit de andere soort niet uit. Het is dus ook mogelijk dat er zich meerdere soorten borstkanker in de borst(en) voordoen.

Hormoongevoelig of hormoonongevoelig

Borstkanker kan gevoelig of ongevoelig voor hormonen zijn. Dit wordt ook wel hormoon-positief of hormoon-negatief genoemd. Wanneer borstkanker hormoongevoelig is, houdt dat in dat hormonen de groei en de deling van de tumor/kankercellen kunnen stimuleren. Andersom geldt dat hormoonongevoelige borstkanker niet gestimuleerd kan worden door hormonen. Voor deze soort borstkanker is hormoontherapie, waarbij de werking en productie van oestrogeen en progesteron worden onderdrukt, geen optie.

HER2/Neu

HER2/Neu is een eiwit dat op uw cellen zit. Een overschot van dit eiwit op een cel kan borstkanker veroorzaken, omdat HER2/Neu de groei van cellen teveel kan stimuleren. HER2/Neu-positieve borstkanker is vaak een agressieve vorm van borstkanker, maar wanneer het duidelijk is dat het om HER2/Neu-positieve borstkanker gaat, is er wel een doelgerichte behandeling mogelijk. Er is namelijk een behandeling mogelijk die zich exact op dit eiwit richt (eiwittherapie).

Wanneer de borstkankercellen ongevoelig zijn voor zowel oestrogeen als progesteron en het eiwit HER2 wordt er gesproken over triple negatieve borstkanker. Hormoontherapie of eiwittherapie hebben in dit geval dus geen effect. Triple negatieve borstkanker komt veel voor bij vrouwen met een erfelijke aanleg voor borstkanker en bij jonge vrouwen. In de meeste gevallen wordt triple negatieve borstkanker behandeld met een operatie gevolgd door chemotherapie en bestraling.

Behandelplan op maat

Elke soort borstkanker vereist een ander behandelplan. Daarnaast moet er uiteraard ook rekening worden gehouden met andere factoren. Zoals uw leeftijd, de grootte van de tumor en de borst, het aantal tumoren, uw familiegeschiedenis en uw persoonlijke (gezondheids)situatie. Bij het Mammacentrum doen we altijd grondig onderzoek naar de aard van de (eventuele) borstkanker en wordt uw algehele situatie uitvoerig (met u) besproken. Zodat we een passend behandelplan op maat kunnen maken.