Ontstoken amandelen › Treant Zorggroep

Ontstoken amandelen

Wat zijn ontstoken amandelen?

Ook wel: amandelontsteking

De amandelen zitten in de mond, de neus en de keel. Het zijn amandelvormige stukjes weefsel. Ze helpen het lichaam beschermen tegen ziekteverwekkers. Zoals bacteriën en virussen.

Er zijn verschillende amandelen:

  • Neusamandel (adenoïd)
    Deze zit in de neus-keelholte. Dit is de holte achter de neus. Na het achtste jaar wordt de neusamandel kleiner. Vaak verdwijnt hij zelfs helemaal.
  • Keelamandelen (tonsillen)
    Deze zitten in de overgang van de mond naar de keel. Aan beide kanten van de huig zit een amandel.
  • Tongamandelen
    Deze zitten aan de zijkant van de tong.

Ontstoken amandelen

Soms zijn er zo veel ziekteverwekkers, dat de amandelen het niet meer aankunnen. Dan raken ze ontstoken. Meestal gaat het dan om de neus- en keelamandelen. Die zwellen flink op. De tongamandelen raken bijna nooit ontstoken.

Wat zijn de symptomen?

Een amandelontsteking komt vooral voor bij kinderen. De klachten lijken op die van een verkoudheid. Veel voorkomende klachten zijn keelpijn, pijn bij het slikken en een snotneus.

Meestal gaat een ontsteking vanzelf over. Maar soms houden de klachten aan of keren ze steeds terug. Dan is de ontsteking chronisch geworden.

Mogelijke klachten zijn dan:

Bij een ontstoken neusamandel

  • Vaak verkouden
  • Snotneus
  • Door de mond ademen
  • Slecht slapen
  • Snurken
  • Kwijlen
  • Vaak oorontsteking

Bij ontstoken keelamandelen

  • Keelpijn
  • Pijn bij het slikken
  • Koorts
  • Moeheid en hangerigheid
  • Opgezwollen lymfeklieren in de hals
  • Weinig eetlust
  • Slechte adem
  • Een abces in de keel
  • Slecht slapen
  • Snurken

Het is zelfs mogelijk dat de ademhaling af en toe even stopt tijdens de slaap. Dit heet slaapapneu. Dit gebeurt alleen als de amandelen erg opgezwollen zijn.

Wat kunt u zelf doen?

Ontstoken keelamandelen zorgen voor keelpijn. Deze kunt u verlichten met:

  • Iets om op te zuigen. Bijvoorbeeld een dropje of een waterijsje. Speciale zuigtabletten zijn niet nodig.
  • Slokjes koud water.
  • Paracetamol.

Als de oorzaak een bacterie is, schrijft de huisarts soms antibiotica voor. Maak een antibioticakuur altijd af. Ook als u zich weer beter voelt.